Over HIV

- Hiv is het virus dat uiteindelijk aids kan veroorzaken.

- Met een goede behandeling kan aids tegenwoordig steeds verder worden uitgesteld.

- Bel na een mogelijke besmetting met hiv direct de huisarts, GGD of een ziekenhuis (in   ieder geval binnen drie dagen).

- Het virus tast het afweersysteem van het lichaam aan.

- Het virus zit in het bloed, sperma, vaginaal vocht en in de moedermelk van iemand die   besmet is.

- In de gewone dagelijkse omgang is er geen risico op besmetting met hiv.

 

Wat is hiv? (thuisarts.nl)

Hiv is een afkorting voor het humaan immunodeficiëntie-virus. Dit virus kan uiteindelijk aids veroorzaken.

Het virus tast het afweersysteem van je lichaam aan. In het begin merk je daar weinig van, maar na verloop van tijd heeft je lichaam steeds minder afweer tegen ziektes. Daardoor kun je allerlei klachten krijgen. Pas dan spreken we van aids.

Een hiv-infectie is een seksueel overdraagbare aandoening (soa).

Wat zijn de verschijnselen van hiv?

Iemand met hiv hoeft geen verschijnselen te hebben. Het is dan ook niet aan iemand te zien dat hij of zij met hiv besmet is.Van de mensen die besmet zijn met hiv krijgt ongeveer de helft tot driekwart binnen twee tot vier weken:

  • griepachtige verschijnselen (moe, hoofdpijn, spierpijn, koorts, keelpijn, opgezette klieren) en
  • Na de besmetting kan het een aantal maanden tot vijftien jaar duren voordat er opnieuw klachten ontstaan. Het virus tast het afweersysteem van het lichaam steeds verder aan. Wanneer de afweer sterk verzwakt is, kunnen gemakkelijk infecties ontstaan en aandoeningen zoals ontstekingen van de huid en de longen, vergeetachtigheid (dementie) en kanker. In deze fase noemen we de ziekte aids (acquired immunodeficiency syndrome).

Besmetting met hiv

Het hiv-virus zit in het bloed, sperma, vaginaal vocht en in de moedermelk van iemand die besmet is. Het virus kan op verschillende manieren op een ander worden overgedragen:

  • Door onveilig vrijen:
    • Vaginale of anale seks (contact tussen penis en anus) zonder condoom.
    • Orale seks (contact tussen mond en geslachtsorganen: pijpen of beffen) zonder condoom of beflapje.
    • Als besmet bloed, sperma of vaginaal vocht op het slijmvlies van de ander komt, bijvoorbeeld via de vingers, bij het afwisselend de ander en jezelf bevredigen of bij gebruik van dezelfde dildo.
  • Als besmet bloed in de bloedbaan terecht komt:
    • Als drugsgebruikers besmette naalden van een ander gebruiken.
    • Als medisch personeel zich per ongeluk aan een besmette naald prikt.
  • Een moeder met hiv kan het virus overdragen op haar kind:
    • Tijdens de zwangerschap of bevalling via het bloed.
    • Door het geven van borstvoeding.

 

 


Hoe wordt een hiv-besmetting aangetoond?

Een hiv-infectie kan door bloedonderzoek worden aangetoond.

Een hiv-test heeft over het algemeen pas zin vanaf drie maanden na een mogelijke besmetting. Als je binnen drie maanden de test zou doen en er komt uit dat je geen hiv hebt, dan is die uitslag niet zeker: je kunt dan toch hiv hebben terwijl de test zegt dat je geen hiv hebt.

Bij klachten van een acute hiv-infectie word je wel getest. Als er dan geen hiv wordt gevonden, dan krijg je na drie maanden de hiv-test.

Testen kan via het huisartsenlaboratorium, bij de GGD of bij een soa-polikliniek. De uitslag is na ongeveer een week bekend.

Adviezen bij hiv

Als je met hiv geïnfecteerd bent, blijf je levenslang besmettelijk voor anderen, ook al word je voor hiv behandeld. Bespreek dit met je huidige en eventueel nieuwe seksuele partner(s) zodat je samen afspraken kunt maken over veilig vrijen.

Veilig vrijen

Veilig vrijen is de beste manier om soa's te voorkomen. Het gaat erom contact tussen de slijmvliezen van de penis, vagina, anus en mond te vermijden.

  • Tongzoenen en elkaar met de vingers bevredigen is over het algemeen veilig.
  • Zit je bijvoorbeeld met je vingers in de vagina van je partner en daarna direct in je eigen vagina, dan kan dat wel soa overdragen.
  • Zorg dat er geen bloed, sperma, voorvocht (vocht dat voor het klaarkomen uit de penis komt) of vaginaal vocht op het slijmvlies van de ander komt.Dat verhoogt de kans op overdracht van soa's.
  • Gebruik bij penis-vagina-seks en penis-anus-seks altijd steeds een nieuw condoom.
  • Als je tijdens het vrijen een dildo (of kunstpenis) uitwisselt, doe er dan bij de wissel een nieuwe condoom omheen of gebruik ieder een eigen dildo.
  • Bij orale seks (contact tussen mond en geslachtsdelen: pijpen of beffen) geeft een condoom of een beflapje bescherming.
  • Neem geen risico's omdat een sekspartner dat graag wil. Kies je eigen weg.
  • Laat je niet overrompelen door een moment van geilheid. Denk er vooraf over na. Bespreek het met je partner. En zorg dat je altijd een condoom bij je hebt.
  • Gebruik bij een nieuwe partner minstens drie maanden condooms en laat je testen.

ls er toch een onveilig contact is geweest, dan moet de persoon die mogelijk besmet is geraakt direct naar de huisarts of de eerste hulp van een ziekenhuis. Dus als je zelf hiv hebt, dan moet iemand die met jou onveilig contact heeft gehad, direct contact opnemen met de Huisarts. De huisarts of de specialist beoordeelt of een behandeling nodig is.

Als iemand na een mogelijke besmetting met hiv binnen 2 tot uiterlijk 72 uur een behandeling met medicijnen (PEP-kuur) start, dan is de kans op een infectie met hiv heel klein. Een hiv-infectie kan niet via speeksel, zweet, traanvocht, urine of ontlasting worden overgedragen. Behalve als er bloed in zit dat vervolgens rechtstreeks in de bloedbaan van een ander terechtkomt.

Dagelijkse omgang

Hiv krijgt iemand niet zomaar door uit het kopje van een ander te drinken, en ook niet via een hoestbui, insectenbeten, een zwembad of een wc-bril. In de dagelijkse omgang met anderen (bijvoorbeeld huisgenoten of collega’s) is er geen risico op het overdragen van hiv.

Andere soa's

Mensen met hiv kunnen tegelijkertijd ook een andere soa hebben. Daarom is het verstandig dat jij en je partner(s) zich ook op andere soa's laten onderzoeken.

Behandeling van hiv

Hiv is nog niet te genezen. Maar met een goede behandeling kan aids tegenwoordig steeds verder - soms zelfs blijvend - worden uitgesteld.

De behandelingsmogelijkheden van een hiv-infectie (en aids) zijn de afgelopen jaren alsmaar verbeterd. Er zijn nog geen medicijnen gevonden die het virus kunnen doden. Maar bij de meeste mensen kan een tijdige, langdurige en intensieve behandeling met verschillende medicijnen helpen het virus in het lichaam te remmen. Als de medicijnen goed werken, heb je lange tijd nauwelijks klachten en leef je langer.

De gebruikte medicijnen hebben wel bijwerkingen. Ook is er nog niet zoveel bekend over de werking op de lange termijn.

Gelukkig kunnen zwangere vrouwen die met hiv besmet zijn door behandeling met medicijnen besmetting van het kind bijna altijd voorkomen.

Hoe gaat het verder na besmetting met hiv?

Hiv is een infectie met ernstige gevolgen zonder behandeling. Daarom is het van belang je huidige en vroegere seksuele partners te waarschuwen. Zij kunnen dan ook maatregelen nemen. Zij moeten veilig vrijen om besmetting van anderen te voorkomen en zich op hiv laten testen.

Als je seksuele partner hiv heeft, kan hij/zij zich laten behandelen en ook zijn/haar (vroegere) partners waarschuwen. Als je ertegen opziet om eventueel besmette partner(s) zelf te waarschuwen, kun je de huisarts vragen dit anoniem te doen. Als er mensen zijn die mogelijk naalden of spuiten van jou hebben hergebruikt, moet je ook hen waarschuwen.

Wanneer contact opnemen bij hiv?

Bel de huisarts:

  • als je jezelf wilt laten testen op hiv;
  • als je jezelf wilt laten testen op andere soa's;
  • voor verwijzing naar een hiv-specialist in het ziekenhuis;
  • om vragen over hiv te bespreken;